In Amsterdam wezen de Duitse bezetters naast
de Hollandsche Schouwburg ook andere locaties aan waarvandaan joden
op transport werden gezet. In de beginperiode van de deportaties
uit Nederland, in juli 1942, moesten Amsterdamse joden zich melden
op Centraal Station voor onmiddellijke deportatie. In 1943 werden
joden ook rechtstreeks gedeporteerd van de Polderweg bij het
Muiderpoortstation en de Borneo- en Panamakade in Zeeburg aan het
IJ. Daarnaast was de Zentralstelle für jüdische Auswanderung, net
als de Hollandsche Schouwburg, een verzamelplaats voor zowel
onmiddellijke als latere deportatie.
In den Haag werd het
Joodsch Tehuis aan de Paviljoensgracht 27 de verzamelplaats voor
deportatie van de Haagse joden. De slachtoffers verbleven hier vaak
enkele uren, maar soms ook dagen, totdat tram 13 hen 's nachts naar
gereedstaande treinen bracht op het Staatsspoor (het latere
Centraal Station). Ook werden joden uit Den Haag rechtstreeks van
het Staatsspoor weggevoerd. In Rotterdam wees de Duitse bezetter
Loods 24 aan, in de Entrepotstraat in het havengebied. Dit meldpunt
lag in de onmiddellijke nabijheid van een spoorwegverbinding.
Vrijwel alle joodse gedeporteerden uit de havenstad zijn vanuit
hier weggevoerd. Elders in Nederland waren ook verzamelplaatsen of
werden joden via plaatselijke politiebureaus gedeporteerd.