Eduard Polak

Polak, Eliazer

Polak, Eduard

Eduard Polak werd op 14 juni 1880 te Amsterdam geboren als zoon van Mozes Polak en Marianne Smit. Begonnen als sigarenmaker, werkte hij zich door zelfstudie op tot journalist en werd later gemeenteraadslid en wethouder. Hij overleed op 9 februari 1962 in zijn geboorteplaats Amsterdam.

geboren1880-06-14 Amsterdam
overleden1962-02-09 Amsterdam
vaderPolak, Mozes
moederSmit, Marianne
broerPolak, Henri
partnersPolak, Esther
Meijer, Gerardina Margaretha de
huwelijken1903-04-23 Amsterdam
1908-10-28 Amsterdam
beroepjournalist
functiesgemeenteraadslid Gemeenteraad van Amsterdam 1913=1923
wethouder Gemeente Amsterdam 1923=1931
lid Provinciale Staten van Noord-Holland 1916
Gedeputeerde Provinciale Staten van Noord-Holland 1937=1946

Op 14 juni 1880 werd Eduard (Eliazer) Polak in de Reguliersbreestraat in Amsterdam geboren als zoon van de diamantslijper Mozes Polak en Marianne (Jane) Smit. Het zevende kind was Eduard, in een gezin van tien kinderen: zeven jongens en drie meisjes. Eén van zijn oudere broers was Henri Polak, de latere voorzitter van de Algemene Nederlandsche Diamantbewerkers Bond (ANDB). Hoewel zijn vader uit een eenvoudig milieu kwam, had deze een brede culturele belangstelling die door zijn vrouw gedeeld werd. Eduards moeder stamde af van het geslacht der Lobo's, waaruit onder andere de toneelspeler David Lobo was voortgekomen. Gezien deze achtergrond is het niet vreemd dat zij veel van theater hield.
Al vrij jong werden de tien kinderen vaderloos. Omdat hun moeder het erg druk had, voedden de kinderen elkaar op. In de postuum uitgekomen herinneringen van haar vader, schrijft de dochter van Polak: "Het grote gezin vormde een kleine, hechte gemeenschap met een sterke onderlinge band. Het leven was eenvoudig en vrolijk en van een rijk, voor allen onvergetelijk geluk, dat hun altijd is bijgebeleven".
Na de lagere school begon Eduard op twaalfjarige leeftijd te werken als sigarenmaker. Tien jaar lang oefende hij dit beroep uit en ondertussen werkte hij door zelfstudie aan zijn ontwikkeling. In 1900 werd hij lid van de SDAP en het jaar daarop voorzitter van "De Zaaier", de jeugdorganisatie van diezelfde partij. In 1902 begon hij als jongeman van nauwelijks tweeëntwintig jaar oud te werken bij het socialistische dagblad "Het Volk". Aanvankelijk werkte hij als corrector-verslaggever, maar al spoedig werd hij bevorderd tot redacteur. Polak versloeg onder andere de spoorwegstaking van 1903 en de zeeliedenstaking van 1911. In 1905 belastte de toenmalige hoofdredacteur P.L. Tak hem met de redactie van het "Zondagsblad", dat later werd opgevolgd door "De Notenkraker". In zijn functie als redacteur werkte hij nauw samen met de bekende politieke tekenaar Albert Hahn.
Met Hahn kreeg hij ook een meer persoonlijke relatie. Bij zijn tweede huwelijk met Gerardina de Meijer was Hahn één van de getuigen. Zijn eerste vrouw, Esther Polak, had een relatie gekregen met Polaks mederedacteur J.F. Ankersmit, hetgeen tot een verwijdering tussen beide redacteuren leidde. Behalve persoonlijke problemen waren er ook zakelijke meningsverschillen tussen de twee journalisten.
Polak was ook politiek actief. In 1913 werd hij tot gemeenteraadslid van Amsterdam gekozen. Het voorzitterschap van de SDAP-fractie volgde in 1921. Naar eigen zeggen had hij zijn voorzitterskwaliteiten opgedaan in "De Zaaier". In 1923 werd hij tot wethouder van onderwijs benoemd. In die functie liet Polak meer dan tweehonderd scholen bouwen en werd daarom ook wel 'de scholenbouwer' genoemd. Ook stimuleerde hij nieuwe onderwijsvormen zoals het Montesori- en Daltononderwijs. Polak behoorde met mensen als F. Wibaut, S.R. de Miranda en E. Boekman tot de vooroorlogse wethouders die een stempel hebben gezet op de politiek van Amsterdam.
In 1933 traden alle socialistische wethouders af in verband met dwang van de regering tot bezuiniging. Tot 1935 bleef Polak raadslid en in 1937 werd hij gekozen als Gedeputeerde van de provincie Noord-Holland. Deze functie bekleedde hij tot 1940. In dat jaar konden Polak en zijn vrouw naar Engeland vluchten. Vandaar vertrokken zij naar Brazilië, waar ze door Eduards broer Jo werden opgevangen. Na de oorlog keerde Polak terug naar Amsterdam en nam zijn functie van Gedeputeerde weer op. Deze functie bekleedde hij tot aan z'n pensionering in 1946. Na zijn pensionering leverde Polak regelmatig bijdragen aan "Het Parool" en verzorgde onder andere een serie radiolezingen over de opkomst en de groei van de socialistische beweging. Op 9 februari 1962 overleed hij, 81 jaar oud, in zijn geboortestad Amsterdam.



Collectie en mediatheek

 De weg omhoog  1962
De weg omhoog.
Collectie > Literatuur > 11506344

jhm.nljhmkindermuseum.nlhollandscheschouwburg.nlportugesesynagoge.nletshaim.nljoodsmonument.nlmenassehbenisrael.nl