Mark Prager Lindo

De oude heer Smits

Mark Prager Lindo werd geboren in Londen op 19 februari 1819. In 1842 ging hij Engels doceren aan het gymnasium van Arnhem. Twee jaar later trouwde hij met Johanna Nijhoff. In de periode 1845-50 leverde hij bijdragen aan het "Algemeen Letterlievend Maandschrift". Onder het pseudoniem 'de oude heer Smits' schreef hij in de "Arnhemse Courant". In 1853 wordt hij benoemd tot leraar moderne talen en letterkunde aan de Kon. Academie voor de zee- en landmacht in Breda. Het eerste nummer van Lindo's "Hollandsche Spectator - weekblad van den ouden heer Smits" verscheen in 1856. Hij schreef leerboeken voor het onderwijs en vertaalde werk van Thackery, Dickens en Sterne. Zijn jeugdherinneringen verwerkte hij o.m. in 'De Geschiedenis van een Gentleman'. Hij overleed in 1877.

geboren1819-02-19 Londen
overleden1877
partnerNijhoff, Johanna
huwelijk1844
beroeponderwijzer

Mark Prager Lindo werd op 19 februari 1819 in Londen geboren. Op zevenjarige leeftijd vertrok hij met zijn ouders naar Boulogne in Frankrijk, waar hij een Engelse kostschool bezocht. Vijf jaar later verhuisde het gezin Lindo naar Düsseldorf. Daar bezocht Lindo de Realschule en het gymnasium. Zijn verblijf in Boulogne en Düsseldorf heeft hij beschreven in "Le saltimbanque" (1859) en in "De geschiedenis van een gentleman" (1862). In 1838, op 19-jarige leeftijd, reageerde Lindo op een advertentie van een Gelderse kostschoolhouder die een Engelsman zocht om de Engelse letterkunde mee te bestuderen. Lindo vertrok toen naar Nederland en vestigde zich in Arnhem, waar hij Duitse en Engelse les gaf. Vervolgens werkte hij korte tijd op een koopmanskantoor in Amsterdam. Hij bezocht Londen en studeerde in Bonn. In 1842 ging hij Engelse les geven aan het gymnasium van Arnhem.
In 1844 trouwde hij met Johanna Nijhoff, de dochter van de Gelderse archivaris Isaac Anne Nijhoff. Zijn literaire debuut maakte hij eveneens in 1844 met een verhaal voor kinderen dat werd opgenomen in een bloemlezing van de in zijn tijd bekende Mr. C.P.E. Robidé van der Aa. In de jaren 1845 tot 1850 leverde hij bijdragen aan "Het Algemeen Letterlievend Maandschrift". Op 32-jarige leeftijd begon hij te schrijven onder het pseudoniem 'de oude heer Smits'. Diens schilderingen van Nederlandse toestanden en 'ontboezemingen over sommige kwellingen en zegeningen van het hollandse huiselijke leven' - geïnspireerd door het werk van de achttiende-eeuwse schrijver Justus van Effen - verschenen in 1851 en 1852 in het 'Mengelwerk' van de van de "Arnhemse Courant". In 1853 werden deze stukjes gebundeld onder de titel "Brieven en uitboezemingen".
Lindo bleef tot 1853 verbonden aan het gymnasium in Arnhem. In datzelfde jaar promoveerde hij tot doctor in de letteren op een studie over 'Macbeth' en werd benoemd tot leraar moderne talen en letteren aan de militaire academie in Breda. Op 1 januari 1856 verscheen het eerste nummer van de Nederlandsche Spectator - Weekblad van den Ouden heer Smits, dat Lindo tot 1860 in samenwerking met zijn vriend Lodewijk Mulder redigeerde. In dat jaar ging de "Nederlandsche Spectator samenwerken met "De Tijdstroom" en "De Konst- en Letterbode". In de redactie zaten onder andere Conrad Busken Huet en F. Delprat. Lindo vertaalde verder werk van Thackery, Fielding en Sterne en publiceerde leerboeken Engels en aardsrijkskunde. Ook schreef hij een geschiedenis van Engeland en een aantal andere boeken, waaronder "Uittreksels uit het dagboek en nadere levensbijzonderheden van wijlen den heer Janus Snor" uit 1865. Mark Prager Lindo overleed in 1877.

jhm.nljhmkindermuseum.nlhollandscheschouwburg.nlportugesesynagoge.nletshaim.nljoodsmonument.nlmenassehbenisrael.nl