Abraham Fresco werd op 20 juni 1903 in Den Haag geboren als zoon van Leon Fresco en Margaretha Blitz. Hij bezocht de kunstacademie in zijn geboortestad en de Rijksacademie in Amsterdam. Vervolgens was hij werkzaam als kunstschilder. Op 19 november 1942 werd hij in Auschwitz vermoord.
| geboren | 1903-06-20 Den Haag |
| overleden | 1942-11-19 Auschwitz |
| vader | Fresco, Leon |
| moeder | Blitz, Margaretha |
| broer | Fresco, Simon |
| zus | Fresco, Annie |
| partner | Engelsman, Debora 1901-11-29=1942-11-19 |
| huwelijk | 1928 |
| beroep | kunstschilder |
Abraham Fresco werd op 20 juni 1903 in Den Haag geboren als zoon van Leon Fresco en Margaretha Blitz. Al op de lagere school viel op dat hij zeer vaardig was in tekenen en illustreren. Op aanraden van zijn onderwijzers bezocht hij na de lagere school de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten in Den Haag. Na de Haagse academie zette hij zijn studie voort aan de Rijksacademie in Amsterdam. Hier kreeg hij onder andere les van J.H. Jurres, A.J. Derkinderen en N. van der Waay.
Fresco vestigde zich vervolgens als zelfstandig kunstschilder in Den Haag. Reeds op 24-jarige leeftijd had hij zoveel naam gemaakt dat het joodse weekblad "De Vrijdagavond" het in 1928 de moeite waard achtte om aandacht aan deze jonge joodse schilder te besteden. Michel Danvers omschreef hem in dit blad als "een zeer bescheiden jongeman, met niets van het snobisme van jonge kunstenaars (…)". Danvers omschreef hem verder als een hardwerkend en serieus schilder die zich bewust was van zijn tekortkomingen. Fresco's voorkeur ging uit naar figuur- en genrestukken maar hij maakte ook portretten, stadsgezichten, landschappen en stillevens. Zo schilderde hij bijvoorbeeld de Paviljoensgracht in Den Haag met het standbeeld van Spinoza, de haven van Scheveningen en stillevens van bijvoorbeeld kreeften of fruit. Dit alles met stevige en rake toets door hem op het doek gezet.
In 1928 trouwde Abraham Fresco met Debora Engelsman. Het jonge paar vestigde zich aan de Eerste van de Boschstraat in Den Haag. Op 15 februari 1929 werd hun dochter en enig kind Marga geboren. In 1928 voorspelde Danvers hem een grote toekomst als kunstenaar. Als de tijdsomstandigheden hadden meegewerkt was deze voorspelling ongetwijfeld uitgekomen. Helaas was dit niet het geval. Omdat zij joods waren werden Abraham Fresco, zijn vrouw Debora en hun dochter Marga in 1942 op transport gesteld. Op 19 november 1942 werd het hele gezin in Auschwitz vermoord.
Mandje met fruit
1930-1940
Gevlochten mand met herfstbladeren en peren.
Collectie > Museumstukken > B1845