Op 5 september 1889 werd Maria Catharina Boas-Zelander in Amsterdam geboren. Aan de Kunstakademie in Amsterdam volgde zij haar opleiding en zij was een leerling van H.F. Boot en Samuel Garf. Zij tekende en schilderde vooral bloemen en stillevens maar ook portretten. Op 27 augustus 1943 werd zij in Auschwitz vermoord.
| geboren | 1889-09-05 Amsterdam |
| overleden | 1943-08-27 Auschwitz |
| vader | Zelander, Ephraim |
| moeder | Rooijen, Sara van |
| broers | Zelander, Samson 1886-11-07=1957 Zelander, Leopold 1887-12-16=199? |
| partner | Boas, Simeon Tobie Alfred 1886-10-26=1943-08-27 |
| huwelijk | 1916-02-15 Amsterdam |
| beroep | kunstschilder |
| functie | lid Arti et Amicitiae |
Op 5 september 1889 werd op de Amsterdamse Groenburgwal Maria (Marie) Catharina Zelander geboren als dochter van de dertig jaar oude koopman Ephraim Zelander (1859-1943) en Sara van Rooijen (1866-1943). Zij was de jongste van drie kinderen. Vóór haar waren in respectievelijk 1886 en 1887 haar broers Samson en Leopold geboren. Samson zou later trouwen met de van Terschelling afkomstige Nelettha Swart. Uit dit huwelijk werden drie dochters geboren: Sara (1910), Geertruida (1913) en Maria Elizabeth (1920). Haar broer Leopold trouwde op 17 augustus 1909 in Parijs met de uit Warschau afkomstige kunstenares Gustave (Gusta) Ferbstein. Later verhuisde Leopold en zijn vrouw Gusta naar het Belgische Schaerbeek waar op 6 juli 1914 hun dochter Justine werd geboren. Marie zelf trouwde op 15 februari 1916 in Amsterdam met Simeon Tobie Alfred Boas. Uit dit huwelijk werden geen kinderen geboren.
Marie volgde een opleiding aan de Academie voor Beeldende Kunsten in Amsterdam en kreeg les van H.F. Boot en de bekende joodse kunstenaar Salomon Garf. Ze schilderde vooral bloemen en stillevens maar heeft ook wel portretten gemaakt. Het Joods Historisch Museum bezit van haar hand een fraai stilleven met kaas, brood en een krant.
In 1933 nam ze deel aan de 'Crisis tentoonstelling' die door de 'Nederlandse Federatie van Beeldende Kunstenaars-verenigingen' in het Stedelijk Museum in Amsterdam was georganiseerd. Hier hing een olieverfschilderij van haar hand getiteld "Sneeuwtooi". Op diezelfde tentoonstelling was ook werk te zien van Paul Citroen, Marianne Franken, Salomon Garf, Ro Mogendorff en Martin Monnickendam. Marie was lid van de kunstenaarsvereniging Arti et Amicitae. Op 24 maart 1943 overleed in Amsterdam haar moeder en een dag later haar vader. Niet lang daarna werd Marie opgepakt en via Westerbork naar Auschwitz gedeporteerd. Hier werd zij op 27 augustus 1943 vermoord. Haar beide broers overleefden de oorlog. Samson overleed in 1957 in Brussel en Leopold is in de jaren negentig overleden.
Na de oorlog organiseerde Arti in 1947 een herdenkingstentoonstelling voor haar omgekomen leden. Hier was ook werk van Maria Catharina Boas-Zelander te zien. Er hing van haar hand een stilleven op doek en een pastel van een bos tulpen.
[Stilleven met kaas, brood en krant]
1925-1935
Stilleven van tafel met geblokt tafelkleed met erop een lege melkfles, een halfvol
glas melk, een stuk kaas, een broodplank met een 1/2 wit en broodmes, kranten ...
Collectie > Museumstukken > 10526