Isaac Aboab da Fonseca

Fonseca, Simao da

Aboab da Fonseca, Isaac

Isaac Aboab da Fonseca (1605-1693) werd in het plaatsje Castro d'Ayre in Portugal geboren. Op 7-jarige leeftijd kwam Isaac in Amsterdam. Hier kreeg hij een joodse opvoeding. Samen met Menasse ben Israel kreeg hij les van Isaac Uziel. Hij was jarenlang bestuurder der Portugese Gemeente, onder andere ook in Nederlands-Brazilië.

geboren1605-02-01 Castro d'Ayre (Portugal)
overleden1693-04-04 Amsterdam
vaderAboab, David
moederFonseca, Isabel da
partners?, Esther
Mulher, Sara
beroeprabbijn
functiesopperrabbijn Beth Israel 1624=1639
opperrabbijn Beth Din 1639=1642

Op 1 februari 1605 werd in het Portugese plaatsje Castro d'Ayre Isaac Aboab da Fonseca (1605-1693) geboren als zoon van David Aboab en Isabel da Fonseca. Omdat zijn familie zich onder druk van de Inquisitie tot het christendom had bekeerd, kreeg Isaac bij zijn geboorte de christelijke naam Simao da Fonseca. Toch was de situatie van de familie Da Fonseca ondanks deze schijnbekering niet veilig en als klein kind nam zijn familie de jonge Isaac mee naar het Spaans-Franse grensplaatsje Saint-Jean de Luz. Toen het ook daar te gevaarlijk werd, trok de familie verder naar Amsterdam.
Toen hij in Amsterdam aankwam, waar hij een joodse opvoeding kreeg, was Isaac zeven jaar oud. Samen met Menasse ben Israel kreeg hij er les van de geleerde Isaac Uziel. Al op 18-jarige leeftijd benoemde men de leergierige jongeman tot rabbijn (chacham) van Beth Israel, een van de drie Sefardische gemeenten in Amsterdam. Toen deze drie gemeenten in 1639 werden samengevoegd, behield Aboab zijn functie. Samen met Saul Levi Morteira, David Pardo en Menasse ben Israel behoorde hij tot de leiders van de Sefardische gemeenschap in Amsterdam.
In 1642 kreeg Aboab een aanstelling als rabbijn in de Nederlandse kolonie Pernambuco (Recife) in Brazilië. Op verzoek van de in Pernambuco wonende joden was hij daar, samen met Mozes Raphael de Aguilar en nog zo'n honderd andere leden van de Portugese gemeenschap, naar toe getrokken. Pernambuco was in 1624 door de Hollanders op de Portugezen veroverd. Veel door de Inquisitie veroordeelde joden waren in het verleden door de Portugezen naar deze plaats verbannen. Daardoor waren de meeste blanke bewoners van Pernambuco joods. Er was tijdens het verblijf van Aboab in Pernambuco regelmatig strijd tussen de Hollanders en de Portugezen. Uiteindelijk verloor Nederland de kolonie weer. Omdat het voor de joden onder Portugese heerschappij niet veilig was, keerde Aboab in 1654 terug naar Amsterdam.
In Amsterdam teruggekeerd herstelde men Aboab in zijn oude functies. Samen met onder andere Saul Levi Morteira was hij in 1656 betrokken bij het uitspreken van de ban over de bekende filosoof Baruch de Spinoza. Hij werkte in Amsterdam als opperrabbijn, geleerde, kabbalist en schrijver. Onder andere maakte hij een vertaling van het kabbalistische geschrift "Shaar hashamayim" van Abraham Cohen de Herrera. Tegen het einde van zijn leven maakte hij een Spaanstalig commentaar op de Pentateuch. Zijn Braziliaanse avonturen legde hij vast in een geschrift getiteld "Zeecher asietie leniefla'ot Eel" ('Ik wil Gods wonderen gedenken').
Tijdens het opperrabbinaat van Aboab vonden er tal van belangrijke gebeurtenissen plaats in de Amsterdamse Sefardische Gemeente, waaronder de inhuldiging van de Portugese synagoge in 1675. Daar Aboab een bedrag van honderd gulden had geschonken als bijdrage aan de bouw van de synagoge verwerkte men zijn naam uit dankbaarheid in het hebreeuwse stichtingsjaar boven de ingang. Op 4 april 1693 overleed Isaac Aboab da Fonseca in Amsterdam. Een dag na zijn begrafenis, op 5 april 1693, benoemde men Jacob Sasportas tot zijn opvolger.

jhm.nljhmkindermuseum.nlhollandscheschouwburg.nlportugesesynagoge.nletshaim.nljoodsmonument.nlmenassehbenisrael.nl