In 1604 komt in Hoorn de naam 'Jeudje' of Jodenstraat voor,
hetgeen mogelijk wijst op de aanwezigheid van joden. In ieder geval
was er aan het begin van de zeventiende eeuw sprake van proselieten
(tot het jodendom bekeerden). In het nabijgelegen Grosthuizen werd
in dezelfde tijd een proces aangespannen tegen drie daar
woonachtige proselieten.
Hoorn
maakte als haven- en handelsstad in de zeventiende eeuw een
bloeiperiode door, wat veel nieuwkomers aantrok. Onder hen waren
ook enige Portugese
joodse kooplieden, die zich vanaf 1622 in de plaats vestigden.
Twee van hen verkregen in 1631 het poorterschap, maar het was zowel
aan hen, als aan degenen die na hen kwamen verboden winkels te
openen of kleinhandel te bedrijven. In de loop van de achttiende
eeuw kwamen er ook Hoogduitse
joden naar Hoorn, ondanks het verbod om tot de gilden toe te
treden.
Pas in de tweede helft van de achttiende eeuw begon de joodse
gemeenschap zich te organiseren. Aanvankelijk werden de
gebedsdiensten in een privé-woning gehouden, in 1870 werd een synagoge gebouwd aan de
Italiaanse Zeedijk. De officiële inwijding van de joodse begraafplaats vond plaats
in 1778, maar de oudste, nog leesbare grafsteen dateert reeds uit
1762.
In de loop van de negentiende eeuw groeide de joodse gemeente sterk
en in 1860 was zij naar grootte de dertiende joodse gemeente van
Nederland. Het joodse onderwijs was goed georganiseerd en in 1835
werd een nieuw schoolgebouw in gebruik genomen. De synagoge uit
1780 werd in 1874 opgeknapt en een kleine tien jaar later
uitgebreid.
Naast
het kerkbestuur waren er in Hoorn een aantal genootschappen actief,
waaronder een begrafenisgenootschap, een vrouwengenootschap voor
het onderhoud van de synagoge en twee verenigingen ter
ondersteuning van zieken en kraamvrouwen. Er was ook een leenfonds
tot het aanleren van beroepen voor jongeren, een overblijfsel van
een in 1865 opgerichte en na korte tijd weer opgeheven
beroepsopleiding. Verscheidene joodse inwoners van Hoorn hebben
deel genomen aan het plaatselijke en landelijke bestuur. Tegen het
einde van de negentiende eeuw nam het ledental van de joodse
gemeente snel af, een proces dat zich in de twintigste eeuw
voortzette.
Aan de vooravond van de bezetting werd de synagoge nog slechts bij
speciale gelegenheden gebruikt. Enige weken na de Duitse inval
werden alle Duitse joden, die zich in Hoorn bevonden naar
Westerbork overgebracht. In april 1942 werden de overige joden uit
de plaats, op enkele na die wisten te ontsnappen, gedwongen naar
Amsterdam te vertrekken, van waar ze verder gedeporteerd zijn.
Slechts enkelen hadden weten onder te duiken.
De synagoge is tijdens de bezetting aan een NSB-er verkocht. Het is
niet bekend wat er met het interieur gebeurd is. In 1953 is het
gebouw aan de gemeente Hoorn verkocht en daarna gesloopt. In 1948
werd de joodse gemeente van Hoorn bij die van Enkhuizen gevoegd. De
begraafplaats werd in 1969 ten behoeve van het verkeer geruimd. Er
is een gedenkplaat onthuld en de stoffelijke resten en stenen
werden overgebracht naar de Nieuwe Algemene Begraafplaats aan de
Berkhouterweg.
De gemeente richtte in 1979 een monument op ter nagedachtenis aan
haar vermoorde joodse burgers. Op de plaats waar eens de synagoge
stond is in de muur van de nieuwbouw een gedenksteen
aangebracht.
Aantal joden in Hoorn en omgeving:
| 1809 | 267 |
| 1840 | 486 |
| 1869 | 433 |
| 1899 | 208 |
| 1930 | 57 |
Fotoalbum
Twee losbladige fotoalbums met 148 kleurenfoto's van joodse
begraafplaatsen in Nederland, jaren '80.
Collectie > Fotos > 40006664
meer treffers in Collectie > Fotos
Dossier
Dossiers (158) van de Commissie voor Oorlogsschade mbt 155 joodse
gemeentes (Amsterdam en mediene), 1945-1950.
Collectie > Documenten > B0005954
meer treffers in Collectie > Documenten
[Binnenland] : Benoemingen
Benoemingen door de Permanente Commissie in diverse schoolbesturen.
Collectie > Joodse pers > 20031865
meer treffers in Collectie > Joodse pers
Joden in Hoorn
1979
Joden in Hoorn.
Collectie > Literatuur > 11000415