De vroegste gegevens over joods leven in Gendringen dateren uit
de eerste helft van de zeventiende eeuw en betreffen namen in
kerkelijke akten. Aan het einde van diezelfde eeuw pachtte een jood
de plaatselijke Bank van Lening.
In de loop van de achttiende eeuw vestigden zich meerdere joodse
families in Gendringen. Toch bleef de gemeenschap klein en voor een
groot gedeelte armlastig.
Rond 1800 kwam men voor de godsdienstoefeningen bijeen in het huis
van de voorzanger. In
1811 werd een synagoge
ingericht aan de Kromme Elleboog. Buiten de stad, aan de huidige
Ulftseweg, was vanaf rond 1840 een begraafplaats in gebruik.
Oorspronkelijk viel Gendringen onder de joodse gemeente van 's-Heerenberg, na 1840 werd het
een zelfstandige bijkerk.
Binnen de gemeente functioneerden de twee leden van het kerkbestuur
eveneens als armbestuur. Er was geen joodse school. In feite had de
joodse gemeente Gendringen al voor de oorlog opgehouden te bestaan;
in 1941 werd zij door de Centrale Commissie van het NIK officieel
ontbonden.
Aantal joden in Gendringen:
| 1809 | 49 |
| 1840 | 64 |
| 1869 | 56 |
| 1899 | 38 |
| 1930 | 13 |
Dossier
Dossiers (158) van de Commissie voor Oorlogsschade mbt 155 joodse
gemeentes (Amsterdam en mediene), 1945-1950.
Collectie > Documenten > 00005954
Foto
1922
Foto van een krantenknipsel over het 75-jarig bestaan van de synagoge te
Kampen in 1922 met foto van het interieur van de synagoge.
Collectie > Fotos > 40007280
Overzichtsfoto
1927 (ca.)
Kosjere slager Spier met koe, Gendringen, circa 1927.
Collectie > Fotos > 40002180
Benoemingen.
1877
Benoemingen door de permanente commissie in de diverse Ned. Isr. schoolbesturen.
Collectie > Joodse pers > 20026823
meer treffers in Collectie > Joodse pers
Zonen en dochters van het oude volk
1983
Zonen en dochters van het oude volk.
Collectie > Literatuur > 11000818