Peter Hunter/Otto Salomon  21 maart t/m 8 september 1996

emigrant in Londen, foto's 1935-1940

Het Joods Historisch Museum presenteerde van 22 maart tot en met 8 september 1996 de eerste overzichtstentoonstelling van de tot toen toe onbekend gebleven fotograaf Peter Hunter. Peter Hunter werd in 1913 in Berlijn geboren als Otto Salomon. Zijn vader was dr. Erich Salomon, grondlegger van de moderne parlementaire en 'candid' fotografie. Hunter was vanaf 1935 actief als fotograaf, nadat hij zich op 22-jarige leeftijd als vluchteling uit nazi-Duitsland in Londen had gevestigd. Na de Tweede' Wereldoorlog nam zijn fotografische productie geleidelijk af. Vanaf het begin van de jaren vijftig wijdde hij zich aan de nalatenschap van zijn vader, die in 1944 in Auschwitz werd vermoord. In 1952 vestigde Hunter zich definitief in Nederland en in 2006 stierf hij.

De ouders van Hunter verbleven vanaf 1932 met hun jongste zoon Dirk in Nederland. Na de machtsovername van Hitler brak Hunter in 1933 zijn rechtenstudie in Berlijn af en voegde zich bij zijn familie. Vanwege zijn zionistische sympathieën overwoog hij naar Palestina te emigreren. Ter voorbereiding was hij korte tijd leerling-smid bij een kokosmattenfabriek in Deventer en verbleef hij in 1934 enige maanden op een Hechaloets-boerderij in Litouwen.

Het werk, de slechte omstandigheden en een tanende gezondheid deden hem besluiten om terug te keren naar Den Haag. Vervolgens vertrok hij in 1935 naar Engeland om als fotograaf stage te gaan lopen bij het Londense bureau van Associated Press. Na enkele maanden vestigde hij zich als zelfstandig fotograaf en in 1936 werd zijn eerste foto in Weekly Illustrated gepubliceerd. Naast zijn activiteiten als fotograaf vertegenwoordigde Hunter zijn vader in Londen en organiseerde een expositie van zijn werk in de Ilford Galleries.

Evenals zijn vader vond Hunter zijn onderwerpen in de wereld van de politiek en in de kringen van de 'upper-class', maar daarbij interesseerde hij zich ook voor maatschappelijke kwesties en sociale problemen. Als emigrant voelde hij zich bovendien betrokken bij de politieke ontwikkelingen rond het vluchtelingenvraagstuk.

In de tentoonstelling werd aandacht besteed aan alle aspecten van het werk van Peter Hunter. Op de foto's van de 'high society' zijn vele historische beroemdheden te zien. Ongedwongen en spontaan fotografeerde Hunter in 1939 een swingende John F. Kennedy op een verjaardagsfeest van zijn zuster, georganiseerd door zijn vader Joseph Kennedy die toen de functie van Amerikaans ambassadeur bekleedde. Als enige fotograaf had Hunter toegang tot dit feest. Na een benefietconcert van de tenor Richard Tauber in Covent Garden, wist Hunter Marlène Dietrich, filmacteur Douglas Fairbanks junior, Richard Tauber en zijn echtgenote Diana Napier aan tafel te vereeuwigen.

De politieke reportages bevatte foto's van de meest invloedrijke Britse staatslieden in de laatste vooroorlogse jaren, ondermeer premier Neville Chamberlain die pleitte voor een politiek van verzoening, en zijn tegenstander Anthony Eden, minister van Buitenlandse Zaken en voorstander van bewapening. Hunter fotografeerde hen beiden veelvuldig in het decor van rijk geornamenteerde zalen. Verder maakte Hunter veel foto's op de talloze feesten, recepties en diners van de buitenlandse ambassades, waar in de wandelgangen wereldpolitiek werd bedreven. Londen was in die tijd nog de hoofdstad van een koloniaal imperium. Hunter zag staatshoofden, diplomaten en parlementsleden voor zijn camera maar vergat nooit te letten op het detail. Op een foto van een ontvangst in 1938 op de Italiaanse ambassade verwijst het portret van Mussolini op een tafeltje naar veranderde tijden. Hunter was kort daarna, vanwege zijn joodse afkomst, niet langer welkom bij de Italianen.
Hunters betrokkenheid bij het vluchtelingenprobleem kwam op de tentoonstelling onder andere tot uiting in een fotoserie uit 1938, gemaakt in het Woburn House, waar het German Jewish Aid Committee joodse vluchtelingen opving. Na de 'Anschluss' van Oostenrijk in 1938 was het aantal vluchtelingen in Londen sterk toegenomen.

Hunter fotografeerde ook bij vergaderingen van internationale hulporganisaties en bijeenkomsten van de zionistische beweging waar Chaim Weizmann, die in 1948 de eerste president van Israël werd, vurig en onvermoeibaar pleitte voor hogere immigratiequota en de vestiging van een nationaal joods tehuis in Palestina. In het culturele leven van Londen trof Hunter vele andere emigranten. Treffend voorbeeld daarvan is de opening in 1938 van de '20th Century German Art Exhibition' in de Burlington Galleries, een protest tegen de in 1937 gehouden 'Entartete Kunst'-tentoonstelring in Munchen.

Hunters foto's werden regelmatig gepubliceerd in Engelse dagbladen als de Daily Telepgraph en de Daily Sketch en tijdschriften als The Sphere en de Weekly Illustrated. Aan zijn loopbaan kwam een voorlopig einde met het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. In juni 1940 werd hij geïnterneerd op het eiland Man als een 'enemy allen' en in juli volgde zijn deportatie per schip vanuit Liverpool naar Australië. Na een verblijf van bijna een jaar in verschillende kampen mocht hij terugkeren naar Engeland, waar hij als vrijwilliger in dienst trad van het Britse leger. Onder de schuilnaam Peter Hunter vertrok hij in 1944 met de Army Film and Photo Unit naar het Italiaanse front. In 1947 keerde hij terug naar Londen.

Peter HunterlOtto Salomon, emigrant in Londen kwam tot stand in-samenwerking met het Nederlands Fotoarchief (nfa) in Rotterdam, waar Hunters oeuvre sinds 1993 wordt beheerd. De tentoonstelling was samengesteld door Veronica Hekking, historicus, en Flip Bool, directeur van het nfa.

Tegelijkertijd heeft het nfa in samenwerking met het Haags Historisch Museum en de Berlinische Galerie een tentoonstelling georganiseerd over het werk van Hunters vader, getiteld Erich Salomon in Holland. Foto's 1933-1940.

jhm.nljhmkindermuseum.nlhollandscheschouwburg.nlportugesesynagoge.nletshaim.nljoodsmonument.nlmenassehbenisrael.nl