Ossip Zadkine wordt als zoon van een joodse
vader en een van oorsprong Schotse moeder in het Wit-Russische
Vitebsk geboren. Daar krijgt hij zijn eerste tekenles van Jehoeda
Penn, die ook Marc Chagall tot zijn leerlingen mocht rekenen.
Tussen 1905 en 1909 verblijft Zadkine in Engeland, waar hij wordt
opgeleid als meubelmaker en zich toelegt op houtsnijkunst.
In 1909 vertrekt hij naar Parijs, waar hij in de eerste jaren op
verschillende adressen in Montparnasse woont, waaronder in La
Ruche. De opleiding aan de École des Beaux Arts is hem te statisch
en te schools en houdt hij al snel voor gezien. Alleen voor het
werk van Rodin kan hij enige waardering opbrengen. In het Louvre
ziet hij voor het eerst Egyptische beelden, die hem zeer
inspireren. Ook de kennismaking met het kubisme, met Picasso, het
echtpaar Delaunay, Constantin Brancusi en Jacques Lipchitz
beïnvloeden zijn ontwikkeling als kunstenaar. Tussen 1911 en 1914
neemt Ossip Zadkine deel aan verschillende Salons in Parijs,
vanaf 1913 exposeert hij ook in Londen, Berlijn en Amsterdam. Hij
werkt en taille directe in hout en steen, kenmerkend voor
zijn lyrische werk zijn verticale en gebogen lijnen en lange
slanke, gestileerde handen. De kennismaking met Modigliani in 1915
leidt tot een blijvende vriendschap.
In 1920 heeft hij zijn eerste solotentoonstelling van sculpturen,
tekeningen en gouaches in zijn atelier in Parijs. In de loop van de
jaren wordt zijn werk monumentaler en laat hij steeds meer en
grotere beelden in brons gieten. Ondanks buitenlands succes, vooral
in België en Nederland, wordt Zadkine door armoede gedwongen om les
te gaan geven. Ook daarvoor blijkt hij een gave te hebben, talloze
beeldhouwers hebben kortere of langere tijd op zijn atelier
gewerkt. In 1940 vlucht hij uit angst voor vervolging naar Amerika,
waar in 1943 zijn eerste aan de oorlog gerelateerde beeld La
Prisonnière ontstaat. Na zijn terugkeer uit Amerika in
1946 werkt Ossip Zadkine tot zijn dood in 1967 in zijn Parijse
atelier in de Rue d'Assas, dat tegenwoordig het Musée Zadkine
herbergt.
In Nederland verwerft Zadkine zijn grootste roem met het beeld La
Ville détruite (Verwoeste stad), dat in 1953 in Rotterdam
geplaatst wordt. Le Retour du fils prodigue (Terugkeer van
de verloren zoon) dateert uit dezelfde periode en toont dezelfde
geabstraheerde figuratie. Het beeld wordt gemodelleerd in 1950, in
1954 worden er vijf genummerde exemplaren gegoten bij Susse Fondeur
in Parijs, plus drie épreuves d'artiste (bewijsexemplaren).