Het Joods Historisch Museum en Theater Instituut Nederland
presenteren van 11 september tot en met 31 januari 2010 een
tentoonstelling over het leven en werk van danseres en choreografe
Sonia Gaskell. Gaskell is voor de klassieke dans in Nederland van
onschatbare waarde geweest. Aan de hand van foto's, kostuums en
videofragmenten geeft de expositie een beeld van deze bijzondere
vrouw en vertelt eveneens de geschiedenis van de dans in Nederland
tot 1969. Regisseuse Jellie Dekker maakte over Gaskell de
documentaire 'Mevrouw'. Deze film is een productie van IDTV Docs in
coproductie met de NPS.
Sonia Gaskell (1904-1974) werd geboren uit Russisch-joodse ouders
in Litouwen en groeide op in Oekraïne. Via Palestina en Parijs,
waar ze haar grote liefde voor de klassieke dans ontwikkelde,
vestigde zij zich in 1939 in Amsterdam. In Nederland bestond nog
geen academische danstraditie zoals in Rusland en Frankrijk. Er
waren geen gesubsidieerde dansgezelschappen of officiële
dansopleidingen en er was geen enkel beroepsperspectief voor
dansers en choreografen. Aan de Amsterdamse Zomerdijkstraat begon
Gaskell haar balletstudio en bleef zij tijdens de bezetting
heimelijk lesgeven. In 1945 richtte zij haar eerste dansgezelschap
op.
Sonia Gaskell was een expressieve vrouw met een sterk karakter die
zich al snel ontpopte als de stuwende kracht achter de emancipatie
van de dans. Zij slaagde er in dansers op te leiden die zowel het
klassieke romantische als het moderne repertoire aankonden. Ook
bood ze ruimte aan jonge choreografen. In 1954 werd zij artistiek
leider van het eerste gesubsidieerde nationale balletgezelschap,
het Nederlands Ballet, dat in 1961 opging in Het Nationale Ballet.
Zij wist dit gezelschap, samen met dansers als Olga de Haas en
choreografen als Rudi van Dantzig, een internationale naam te
bezorgen. In 1969 nam Gaskell afscheid van Het Nationale Ballet.
Sonia Gaskell. Pionier van de dans is de tweede in een
reeks tentoonstellingen die het TIN in samenwerking met
verschillende musea maakt over belangrijke ontwikkelingen van het
Nederlandse theater in de afgelopen decennia.
De tentoonstelling wordt mede mogelijk gemaakt door Stichting
Dioraphte. De documentaire wordt mede gefinancierd door VandenEnde
Foundation, VSBfonds, SNS REAAL Fonds en CoBO Fonds.